Autocad wordt met twee verschillende programmeertalen geleverd: LISP en VBA .
Met behulp van Lisp kan snel en relatief eenvoudig hulproutines worden gemaakt. VBA vereist meer inspanning en heeft Lisp nodig om (verkorte) commando's aan de gemaakte macro's toe te kennen.

De meeste routines van Blue Icon zijn in Lisp geprogrammeerd en daardoor relatief eenvoudig aan te passen.

Uit de enkele onderstaande voorbeelden blijkt al snel dat veel snelheidswinst kan worden geboekt met zelf geprogrammeerde commando's:

Commando: ZE
ZE staat voor Zoom Extends. Met de linkerhand op het toetsenboord is dit sneller dan het aanklikken van de Zoom Extend button. De toetsen staan beide aan de linkerzijde van het toetsenboord en de spatiebalk wordt gebruikt als de entertoets. De linkerhand hoeft dus niet verplaatst te worden. In combinatie met de standaard verkorte commando's van AutoCad en andere hulproutines kan snel en efficient worden getekend. Natuurlijk wordt de snelheid bepaald door het snel vinden van de toetsen.

Commando: KADER
Dit commando plaatst na het ingeven van het papierformaat en de schaal een Kader in de tekening. Tevens worden de bijbehorende variabelen goed gezet (Dimscale, Grid, Limits, etc.). Met het commando KADERW kan het papierformaat en de schaal worden gewijzigd. Natuurlijk gaan de gegevens uit het kader mee en worden alle variabelen op de nieuwe schaal aangepast. Bij het veranderen van de schaal kunnen alle bematingen automatisch worden aangepast aan de nieuwe schaal.

Commando: A3L
Dit commando print de tekening met behulp van Limits op de A3 printer. Als het kader geplaatst is met het bovengenoemde commando zal het kader op A3 worden geprint met de optie Fit. Dit is vele malen sneller dan het plotmenu doorlopen. Het commando A4L spreekt voor zich. Met het commando PL kan bijvoorbeeld op schaal met de optie Limits geplot worden op de desbetreffende plotter.